Foto:

Krulletje: Jong leren

Krulletje van Leo van Stijn

Op de eerste zonnige herfstdag maakte ik met mijn vrouw een wandeling via het nu lege parkeerterrein van De Wedren naar het zeer oude stadskerkhof. Eeuwenoude grafstenen verdwijnen daar eerbiedig onder oude bomen. De lege parkeerruimte wachtte op de hectiek van de nieuwe week.

Toen we vlakbij onze auto kwamen, wenkte een oudere man ons. “Jij bint toch fan ’t theaoter? Mo je hum duir ’s sien.” In de schaduw van bomen stond een lange magere man te jongleren met kleine jongleerballetjes. “Die ken d’r wa fan, jô!”

Geconcentreerd raapte een doodkalme man zes zachtleren gekleurde balletjes op, veegde ze één voor één schoon van zand. In elke hand drie jongleerde hij feilloos met de zes balletjes. Na een paar opgooien voegde hij steeds twee balletjes toe. We spraken over theater en letten daardoor niet op de jongleur, die ongestoord verder oefende. Af en toe hoorden we aan een doffe plof, dat hij een balletje gemist had. De man naast ons had hem hier vaker gezien. “So is ’t hele lefe, meneer. Deurgaon met folhouwe. Opgooie en opfange. Alle daoge opnieuw. Faok git ’t goed, denk je da je alles onder kontroole hebt. Kumt d’r ‘n klein balleke bij, ken je ienins de feurige nie meer fange.”

De artiest reageerde niet op onze aanwezigheid. Hij vulde onverstoorbaar het aantal ballen aan tot 10. “Herstikke goed!”, riep de enthousiaste man naast ons. Dat verstoorde de concentratie en even keek hij naar ons. Zijn gezicht toonde geen extra blijdschap, toen hij de ballen keurig bij elkaar voor zich op de grond legde en bewust vier balletjes koos. “Da he’k al ’s gesien fan hum”, fluisterde hij bijna. De stille jongleur pakte de balletjes: twee in zijn rechter, twee in zijn linkerhand. Hij gooide ze tegelijk op en probeerde met zijn rechterhand het links gegooide op te vangen en met links het rechts opgegooide. De ballen vielen op de grond. “Effe wa anders en ’t git mis. Ik wit d’r alles fan”, zuchtte hij, terwijl ik besloot een stel van die balletjes te gaan kopen. “Duir sul jij plesier fan hebbe.” Mijn vrouw lachte stil en wist: de kleinkinderen.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden