Zwemmen tussen de dolfijnen tijdens maagonderzoek in CWZ

Algemeen Kort nieuws

NIJMEGEN - Wie in CWZ een maagonderzoek (gastroscopie) krijgt, kan tijdens het onderzoek kiezen voor een bijzondere ervaring. Via virtual reality (VR) waant de patiënt zich dan niet in de behandelkamer, maar op een aangename plek, waar hij zwemt tussen dolfijnen, op safari gaat of meditatieoefeningen doet op een strand. Op deze manier onderzoekt het ziekenhuis of virtual reality voor sommige mensen het roesje kan vervangen.

Het idee is simpel en doeltreffend. Mensen ervaren een maagonderzoek nogal eens als oncomfortabel. De ervaring met een VR-bril geeft afleiding, waardoor ze het onderzoek veel positiever ervaren. “Dat komt omdat virtual reality het brein voor de gek houdt”, zegt onderzoeker en klinisch psycholoog in opleiding Froukje de Vries. “Met een VR-bril op denkt je brein dat je daadwerkelijk bent op de plek die je om je heen ziet. Voor je gevoel zwem je écht tussen de dolfijnen. Het brein is daar zo mee bezig, dat er veel minder ruimte is om ongemak tijdens het onderzoek te ervaren.”

Direct weer fit

Nu kiezen veel mensen nog voor een roesje tijdens het onderzoek. Maar daar zitten ook nadelen aan. Na een roesje verblijven mensen nog een tijdje in het ziekenhuis op de uitslaapkamer. De eerste 24 uur erna kunnen ze nog suf zijn en mogen ze niet auto rijden. Ook werken is dan vaak niet mogelijk. “Het maagonderzoek zelf duurt maar drie minuten”, zegt maag-, darm-, leverarts Adriaan Tan. “Na het onderzoek met de VR-bril zijn er geen nawerkingen. Mensen staan op en lopen zó het ziekenhuis weer uit.”

Keuze

Op dit moment is het onderzoek in volle gang. Zolang het onderzoek loopt, krijgen mensen die in CWZ een gastroscopie ondergaan de keuze of ze de VR-bril willen gebruiken of een roesje. “Uit een eerdere proef blijkt dat vrijwel alle deelnemers die de VR-bril hebben opgehad hetzelfde onderzoek een volgende keer weer met de VR-bril en zonder roesje zouden willen doen”, aldus De Vries. “Als het onderzoek aantoont dat virtual reality bij voldoende mensen werkt, kan het op termijn een vast alternatief worden voor het roesje.”