Oud-verpleegster Bep Jörster-Lijpzigh (tweede van rechts) met collega en patiënt.
Oud-verpleegster Bep Jörster-Lijpzigh (tweede van rechts) met collega en patiënt. Foto:

WO II: Canisius biedt Nijmegenaren veilig onderdak

Algemeen

NIJMEGEN - In het kader van het 175-jarig jubileum brengt CWZ het verleden tot leven. Wat speelde zich bijvoorbeeld tijdens de oorlog af binnen de muren van het Canisiusziekenhuis? Duizenden Nijmegenaren - ziek én gezond - werden er liefdevol behandeld, verpleegd, gevoed en beschermd.

Op 5 mei 1939 buigt het bestuur van het ziekenhuis zich over de vraag hoe patiënten en medewerkers te beschermen tegen een mogelijke oorlog. Als een jaar later op 10 mei de oorlog uitbreekt, is het dak al voorzien van een rood kruis voor vliegtuigen en zijn in de kelders een onderaardse operatiekamer en verloskamer ingericht.

Rantsoenregelingen 

De periode tot aan het verwoestende bombardement verloopt voor het ziekenhuis qua oorlogsgeweld relatief rustig. Niettemin: kopzorgen volop. Over de voedselvoorzieningen en hoge kosten van de verduistering bijvoorbeeld. 

Toch hoeft geen enkele patiënt honger te lijden dankzij soepeler rantsoenregelingen van hogerhand voor ziekenhuizen. “Voor ons was het wat kariger”, vertelt oud-verpleegster Bep Jörster-Lijpzigh.

De bommen vallen

Op 22 februari 1944 gaat rond 13.00 uur het luchtalarm. Een klein uur later klinkt het signaal ‘veilig’, hoewel er nog steeds vliegtuigen overvliegen. Maar men is vol vertrouwen. De winkelstraten komen weer tot leven en kinderen rennen alsnog naar school. Dan volgt, totaal onverwacht, een aantal zware explosies. Amerikaanse bommenwerpers storten hun dodelijke lading over Nijmegen uit. 

Die dag neemt het ziekenhuis in totaal 205 zwaargewonden op. Het ziekenhuis is voor veel mensen, gewonden én Nijmegenaren die hun naasten zoeken, een centrale plek die dagen.

Hoeren en onderduikers

In de loop van de oorlogsjaren herbergt het ziekenhuis vogels van allerlei pluimage. Zo is er een zaaltje speciaal voor de zogenoemde ‘zwarte schapen’, ofwel hoeren die behandeld worden voor geslachtsziekten. Ook onderduikers vinden in het ziekenhuis onderdak. Zr. Dosithéé: “Als Dr. X zei ‘Er komt vanavond om precies 7 uur een patiënt’ dan wist je: een onderduiker.” Zo ligt in oktober 1944 de 17-jarige oorlogsvrijwilliger Rijk de Gooijer in het ziekenhuis. Later bekend acteur.

Ziekenhuis in een frontstad

Na de bevrijding van Maastricht is er in september 1944 de hoop dat Nijmegen ook snel bevrijd wordt. Die hoop blijkt ijdel. Op 17 september verandert de stad opnieuw in een slagveld. De geallieerden stuiten bij Nijmegen onverwacht op Duitse weerstand. Tegen 12.00 uur vallen de eerste bommen. Korte tijd later arriveren in het Canisiusziekenhuis de eerste gewonden. Enkele weken later herbergt het ziekenhuis maar liefst 667 patiënten, het hoogste aantal in die tijd.

Koninklijk bezoek

Een maand na de bevrijding brengt koningin Wilhelmina op 10 juni 1945 een bezoek aan het Canisiusziekenhuis. Het personeel staat opgesteld in de versierde hal. Aan de ene kant de doktoren en assistenten, aan de andere kant de zusters en verpleegsters. Waarop hare majesteit vriendelijk zegt: ‘Ik heb gehoord dat U heel hard gewerkt hebt al die tijd’. Er volgt een rondgang langs de ziekenzalen met oorlogsgewonden. Voor iedereen heeft ze een vriendelijk woord.

Koningin Wilhelmina brengt bezoek aan oorlogsslachtoffers in 1945