<p>Cameraman Tobias van Elferen maakt opnames van Frans Houtbeckers, Mari&euml;t Mensink en Storay Ahmadi (voorgrond) voor promotiefilm over Vredesweek in Nijmegen.</p>

Cameraman Tobias van Elferen maakt opnames van Frans Houtbeckers, Mariët Mensink en Storay Ahmadi (voorgrond) voor promotiefilm over Vredesweek in Nijmegen.

(Foto: Moniek Hüsken )

'Vrede is voor mij een werkwoord'

  Nieuwsflits

Vrede is voor Nederlanders van na de Tweede Wereldoorlog normaal maar voor heel veel andere wereldburgers niet. Des te meer reden er zuinig op te zijn. Twee vrouwen achter de Vredesweek, die komende dagen plaatsvindt, over hun motivatie.

Nijmegen - De Vredesweek is een initiatief van de landelijke organisatie Pax en wordt in Nijmegen aangestuurd door de Raad van Levensbeschouwing en Religie. In Nijmegen geven dit jaar drie vredesambassadeurs het onderwerp handen en voeten: Mariët Mensink, Frans Houtbeckers en Storay Ahmadi zijn ieder op hun eigen manier in aanraking gekomen met oorlog en geweld. 

Storay is 24 jaar geleden met haar gezin gevlucht uit Afghanistan. “Mijn jeugd in Afghanistan was rustig. De mensen op het platteland leefden eenvoudig. In de stad waren er meer voorzieningen voor de mensen uit de hogere klassen. Er waren dus grote tegenstellingen, maar men was aardig en lief tegen elkaar.” Dat veranderde toen in het land in 1978 een revolutie uitbrak die leidde tot buitenlandse inmenging en allerlei interne tegenstellingen. De verdraagzaamheid en het respect voor elkaar waren weg. Storay studeerde inmiddels met een beurs in Rusland, iets wat een machtige groep in Afghanistan niet beviel. Haar vader, die rechter was, werd daarom in Afghanistan ernstig bedreigd. Storay ging terug en stichtte een gezin. Maar uiteindelijk was de dreiging van de oorlog te groot. 

Sinds ze in Nederland is, zet ze zich in voor vrede, onder andere als voorzitter van Stichting Goshamadeed, die werkt aan integratie van Afghaanse mensen in Nederland. “Het is een heel diep verlangen in mij me hiervoor in te zetten. Ik gun iedereen een rustig leven zonder ruzie en oorlog.” In Nederland wordt zij nog regelmatig geconfronteerd met schrijnende verhalen, een reden waarom vrede voor haar een werkwoord is. 

Frans en Mariët zijn partners en kwamen in aanraking met de gevolgen van oorlog door hun werk met vluchtelingen. Ze wonen in een multiculturele wijk. “Ik leer zo veel van mensen uit verschillende culturen. De grote gastvrijheid en hun eerbied en warmte voor ouderen bijvoorbeeld, die raken me”, zegt Mariët. Zij is oprichter van Stichting Kus (Kunst van Samenleven) een stichting die groepen mensen die elkaar niet kennen, probeert te verbinden met behulp van kunstvormen. “Door individualisme en nationalisme kunnen groepen met verschillende achtergronden van elkaar vervreemden.” Door dialoog en kunst zijn ze volgens Mariët weer met elkaar te verbinden. Dit zijn daarom werkvormen die tijdens de Vredesweek centraal staan. “We gaan uitwisselen wat voor jou vrede en vrijheid is, hoe je dat merkt en wat je eraan wilt doen op dit moment. Dit gebeurt zonder te oordelen en met respect voor elkaar. Door naar elkaar te luisteren wordt iedereen wat zachter omdat je met de ander meevoelt”, aldus Mariët. 

“Vrede en vrijheid zijn de grootste goederen die we hebben.” 

www.vredesweeknijmegen.nl

Door: Moniek Hüsken

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden