Keeper Robin Roefs met de bal in de hand.
Keeper Robin Roefs met de bal in de hand. Foto: Broer van den Boom/Orange Pictures

Robin Roefs leert klappen van de zweep als eerste doelman NEC: ‘Genoeg verbeterpunten’

Algemeen

NIJMEGEN - Na het vertrek van Jasper Cillessen afgelopen zomer is Robin Roefs de nieuwe eerste keus onder de lat bij NEC. De pas 21-jarige man uit Heeswijk laat zijn talent zien. “Je kan een hele goede wedstrijd spelen, maar één fout verpest het dan.”

Daarmee doelt Roefs onder andere op de tweede wedstrijd van het seizoen, toen NEC langsging bij AZ (1-0). Een vrije trap van AZ-middenvelder Sven Mijnans zorgde ervoor dat NEC zonder punten de lange busreis terug naar Nijmegen moest afleggen. 

“Je kan een hele goede wedstrijd spelen, bijvoorbeeld tegen AZ, maar één zo’n bal verpest het dan. Je kan daarna nog heel wat goede ballen pakken, maar zolang die 1-0 op het bord blijft staan, blijft iedereen daaraan denken. Mentaal is dat misschien wel moeilijk. Je neemt het onbewust toch een klein beetje mee in de volgende wedstrijden. Het is de taak om dat zo min mogelijk invloed te laten hebben en als zoiets gebeurt gewoon weer op nul te beginnen en door te gaan.”

Vastigheid en dominantie

Roefs won in de voorbereiding de concurrentiestrijd van Stijn van Gassel en is inmiddels ook een vast lid van het keepersgilde bij Jong Oranje. Hoewel hij nog altijd te boek staat als een groot talent, ziet hij voor zichzelf nog genoeg verbeterpunten. “Sowieso vastigheid, dus de foutjes die ik maak moeten eruit. Ik kan toch nog wat dominanter zijn, ook met de kwaliteit die ik heb bij voorzetten en corners.”

Die vastigheid zag hij de laatste jaren bij zijn collega’s Jasper Cillessen en Mattijs Branderhorst van dichtbij. Roefs leerde veel van de twee doelmannen. “Toen ik voor het eerst meetrainde bij het eerste, dan merk je dat je nog zoveel dingen moet verbeteren, wil je überhaupt kans maken om te gaan spelen. Daar heb ik de tijd voor genomen en ik denk dat ik met Jasper en Mattijs hele goede leermeesters heb gehad. Daar kon je jezelf echt aan optrekken en dingen van leren. Dus ik vind helemaal niet dat ik te lang heb moeten wachten. Vorig jaar speelde ik een paar goede wedstrijden en kon ik er even aan ruiken, dus dan wil je meer, maar ik denk dat het zo goed is geweest. Ik ben pas 21 en heb nog tijd.”