
Thuisloos
AlgemeenMeer dan 80 zorg- en hulpinstanties telden de afgelopen tijd hoeveel dak- en thuisloze mensen en kinderen zij kennen in onze stad en regio. In Nijmegen zijn dat er best veel: 590 volwassenen en 69 kinderen.
Bij het woord ‘dakloze’ denkt u misschien aan verwarde, verslaafde mensen die op straat slapen. Maar er zijn allerlei mensen die om verschillende redenen geen huis of thuis hebben. Voor elke situatie is een andere vorm van hulp of opvang nodig. En om dat zorgaanbod effectief vorm te geven, moeten we weten om hoeveel mensen het gaat en waarom zij geen eigen plek hebben. Want ons land heeft met de andere EU-landen een verdrag ondertekend, dat we in 2030 niet meer willen dat mensen onvrijwillig dak- of thuisloos zijn. Dat lijkt mij persoonlijk erg ambitieus, maar we moeten de poging zeker wagen.
Mensen belanden niet alleen vanwege verslaving of psychiatrische problematiek op straat. Soms was het een glijdende schaal door bijvoorbeeld een ontslag of faillissement, een nare scheiding of thuissituatie, of oplopende schulden. De krapte op de woningmarkt speelt zeker mee. Er is een verschil tussen dakloos (buiten of in de daklozenopvang slapend) en thuisloos: de situatie dat je niet op straat aangewezen bent, maar ook geen vaste woonplek hebt. Dan slaap je bijvoorbeeld bij bekenden op de bank of in een stacaravan. De telling bevestigt ons vermoeden dat deze groep vrij groot is. Belangrijk om te weten. Dit is voor niemand een houdbare situatie op langere termijn.
Ik schreef er al eerder over: in onze stad is er flinke overlast van daklozen. De verschillende soorten daklozenopvang zitten vol. Vaak zijn er verslavingen of psychische problemen in het spel, het meest ingewikkeld is een combinatie. Sommige mensen blijken in geen enkele bestaande vorm van opvang te passen. Of ze willen er zelf niet naartoe. Natuurlijk vind ik dakloosheid schrijnend voor deze mensen. Maar ik zie dat ook buurtbewoners en ondernemers lijden onder overlast en onveiligheid. Ja, we moeten zoeken naar passende zorg, maar in de tussentijd soms ook echt ingrijpen. In uiterste gevallen moeten bekeuringen of aanhoudingen ervoor zorgen dat daklozenoverlast stopt, of zich niet op één plek concentreert. Dan is er geen ideale oplossing.
Daarbovenop zien we meer arbeidsmigranten op straat terecht komen. Zij komen naar ons land met het aanbod van werk en onderdak, maar worden ontslagen of uit huis gezet. Zonder geld, rechten of vangnet, soms beschaamd om berooid terug naar huis te gaan, raken zij aan lager wal. Bij instanties zijn zij niet altijd in beeld, de omvang van het probleem en de juiste oplossing dus ook nog niet.
Deze telling is niet meteen de oplossing van het probleem, maar wel een goede stap. Wij blijven als stad inzetten op nieuwe en passende vormen van opvang, samen met gemeenten in de regio. Iedereen verdient een veilige plek.















